Uitzendovereenkomst met uitzendbeding eindigt niet bij arbeidsongeschiktheid van uitzendwerknemer


De CAO-bepaling die stelt dat de als uitzendovereenkomst aan te merken arbeidsovereenkomst tussen een uitzendbureau en een uitzendkracht, in geval van arbeidsongeschiktheid eindigt als in die uitzendovereenkomst het zogenaamde “uitzendbeding” (inhoudend dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt als de terbeschikkingstelling van de uitzendkracht aan de inlener op verzoek van de inlener eindigt) is opgenomen, is in strijd met het wettelijke opzegverbod tijdens ziekte, voor zover die bepaling inhoudt dat de arbeidsovereenkomst ook in geval van arbeidsongeschiktheid van rechtswege eindigt.

Een werknemer was sinds 12 mei 2014 via een uitzendbureau werkzaam als uitzendkracht bij een bedrijf dat papieren drinkbekers maakt. Als zodanig bediende hij een machine die de papieren bekertjes produceert. Op 24 maart 2016 overkomt hem een arbeidsongeval, waarbij twee vingers van zijn rechterhand zijn geamputeerd.
Tussen het uitzendbureau en de werknemer zijn twee aansluitende arbeidsovereenkomsten gesloten die zijn gekwalificeerd als uitzendovereenkomsten fase 1 en fase 2 van de CAO voor Uitzendkrachten (NBBU). Deze beide fases duren samen maximaal 78 weken. In deze fases omvat de uitzendovereenkomst volgens de CAO het uitzendbeding, tenzij uitdrukkelijk schriftelijk anders is overeengekomen. Dat uitzendbeding houdt in dat de arbeidsovereenkomst eindigt als de inlener de werknemer niet langer wil inlenen, maar ook als de arbeidskracht de overeengekomen werkzaamheden niet langer wil of kan verrichten, bijvoorbeeld wegens arbeidsongeschiktheid. Het uitzendbureau was eigenrisicodrager en had de werknemer vanaf 15 mei 2016 gere-integreerd in aangepaste werkzaamheden.
Bij de kantonrechter verzoekt de werknemer toelating tot passende werkzaamheden en betaling van Ziektewetuitkering en niet uitbetaald loon, dan wel betaling van transitievergoeding en billijke vergoeding. Hij stelt daartoe dat de uitzendovereenkomst is aangegaan in fase drie (waarin zes arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd in vier jaar kunnen worden gesloten) en dat de overeenkomst niet op rechtsgeldige wijze is geëindigd en dus nog doorloopt. Het uitzendbureau beroept zich er op dat de uitzendovereenkomst door het arbeidsongeval op grond van het uitzendbeding is geëindigd. De kantonrechter wijst de vorderingen van de werknemer af. Volgens de kantonrechter is de arbeidsovereenkomst geëindigd door het uitzendbeding en is de vraag welke status de werknemer had toen hij re-integratiewerkzaamheden ging verrichten. Volgens de kantonrechter werden die werkzaamheden niet verricht op grond van een herleefde of nieuwe uitzendovereenkomst, maar op grond van een bestuursrechtelijke verhouding, als gevolg van de uit de Ziektewet voortvloeiende verplichting van de werkgever om als eigenrisicodrager passende arbeid aan te bieden en de uit de Ziektewet voortvloeiende verplichting van de werknemer om mee te werken aan zijn re-integratie.
In hoger beroep komt het gerechtshof tot een ander oordeel. Volgens het gerechtshof is de arbeidsovereenkomst niet geëindigd door de werking van het uitzendbeding. Het hof wijst er daarbij op dat tot 1 juli 2015 bij CAO kon worden afgeweken van de wettelijke regeling van het opzegverbod tijdens ziekte, maar dat die uitzondering bij de invoering van de Wet werk en zekerheid is vervallen. De CAO-bepaling die inhoudt dat de arbeidsovereenkomst bij arbeidsongeschiktheid eindigt, is daarom vanaf 1 juli 2015 in strijd met de wet. De werknemer had daarom recht op loondoorbetaling. Het uitzendbureau had nog gesteld dat later nog een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (fase 3) was gesloten, maar de werknemer had dat betwist en het uitzendbureau was volgens het hof er, ondanks getuigenverhoor, niet in geslaagd om dat te bewijzen. Daarom moest er volgens het hof van uit worden gegaan dat sprake was van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Bron: https://www.vanzijl-advocaten.nl/juridische-producten/arbeidsrecht-actueel/uitzendovereenkomst-met-uitzendbeding-eindigt-niet-bij-arbeidsongeschiktheid-van-uitzendwerknemer.php